maandag 1 januari 2018

De grote overstroming te Knokke in 1953. Een ooggetuigenverslag.


Een getuigenverslag over de watersnood te Knokke in 1953.








Maandag, 28 juli 2003 - Roger Baert, Pannestraat 179














Dit is mijn verhaal.  Mijn naam is Roger Baert. Ik was in 1953 negentien jaar en woonde op de Zeedijk 278. Onze villa was twee huizen verwijderd van "Hotel des Bains". De villa onmiddellijk naast "Hotel des Bains" was eigendom van de eigenaars van "Hotel des Bains". De vensters van de woning naast onze villa waren sinds de tweede wereldoorlog nog altijd dichtgemetseld. Mijn ouders verhuurden fietsen en belletaxen. Wij kweekten ook wat kippen en konijnen in de grote hof, die liep tot aan de O.L.-Vrouwstraat.


Ik kwam op 1 februari 1953 iets na middernacht naar huis, van de fanfare Sint-Cecilia. Die nacht zal ik nooit vergeten :  door de rukwinden moest ik mij vastklampen waar ik maar kon om op de Zeedijk te geraken. De wind loeide ! Toen ik toch thuis geraakt was, legde ik mijn kleren en trompet op de zetel. Na zo 'n twee à drie uur hoorde ik een gebons op mijn slaapkamerdeur.  Ik hoorde het angstige geroep : "Roger, Roger...staat op... de wereld is aan het vergaan". Ik liep ogenblikkelijk de trap af en stond tot mijn heupen ik het water. Ik was op slag nuchter.
Toen riep mijn moeder : "Mijn geld... mijn geld ligt in de kast ! Haal het er vlug uit ". Er stonden daar twee kasten en ik wist niet in welke kast het geld lag. "Ik zal je op mijn rug dragen, zodat je het kunt zoeken", riep ik terug. Zo gezegd zo gedaan , en zo heeft mijn moeder haar geld nog uit de kast kunnen nemen.
Toen ik weer in de living kwam, dreven de kasten al in  het water. Mijn vader was in Sint-Kruis in Brugge. Hij was niet thuis geraakt met de fiets door de hevige stormwind. Mijn grootmoeder,  mijn twee zusjes Rosette (3 jaar) en Ginette (5 jaar) waren er wel. Ondertussen was de voordeur ook al afgerukt. Mijn moeder sloeg in paniek.
"Onsteek de elektriciteit, zodat ze kunnen zien dat hier iemand woont" zei ze. Toen ik dat wou doen kreeg ik zo'n ferme patat dat ik meters achterover vloog. Later heb  ik door de opgedane schrik een hele pak haar verloren.
Toen wou ik hulp gaan halen. Op het Heldenplein ben ik nog gevallen. Ik was drijfnat. Ik liep tot op het Canadezenplein (nu : De Bolle) en zag licht branden in café "Metro" bij Frans Cardon. Ik snotterde mijn verhaal, kreeg onmiddellijk andere kleren... Als ik nu (in 2003) nog een van de vier dochters tegenkom, spreken wij daar nog over.









Het water kwam vroeger tot tegen de dijk. Uren nadat het eb was kwam het water en het zand nog uit de spleten tussen de stenen van de zeedijk : de ruimte acher de stenen was volledig  hol geworden door deze "ontzanding". Door de stroom is die wandeldijk dan ook ooit ingestort. Gelukkig hebben de grote riolen onder de wandeldijk stand gehouden. Wij moesten onmiddellijk ons huis verlaten omdat de fundamenten bloot stonden. We hebben 14 dagen gelogeerd bij Margaretha Covaert, onze naaister in de Graaf d'Ursellaan.

Al onze konijnen waren verdronken in het zeewater. De kippen hadden  het overleefd : ze liepen op de tussenmuur. We hebben tientallen kruiwagens zand, stenen, arduin, puin..weggehaald uit ons huis. Onze fietsen begonnen al te roesten ! We kregen tweedehandskledij van het Rode Kruis waar we heel blij mee waren. Spijtig dat ik het moet zeggen, maar er waren mensen, die geen watersnood hadden gehad, die alles nieuw kregen. Maar tenslotte hebben wij het allemaal overleefd.
Ik heb toen twee maanden meegewerkt met de firma Cobeton België om de zeedijk te herstellen. Op 1 april moest ik mijn legerdienst vervullen.






Aantekening bij de tekst :Mijnheer, als u akkoord bent, leg ik de tekst ook in de klas.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten