zondag 4 februari 2018

De Schipstraat van Leuven na de oorlog

                                      De Schipstraat te Leuven

                                                                         in de vorige eeuw






Een van de belangrijkste handelsstraten sedert de middeleeuwen is de Mechelsestraat. Zij bestond uit twee delen, het gedeelte dat liep van aan de lange trappen van de Sint-Pieterskerk tot aan de Vismarkt, vroeger en nog steeds door oude Leuvenaars Schipstraat genoemd en het tweede gedeelte van aan de Vismarkt tot aan de Keizersberg (Boelenberg - Cesarsberg - Mont César)

Een gedeelte van de Mechelsestraat verdween door het slopen van het oude Vleeshuis en de daartegenliggende huizen, en de ruimte die vrijkwam is het huidige Mathieu-de-Laeyensplein. De werken voor aanpassing waren begonnen voor 1914 maar de binnenkomst van en de verwoesting door de Duitsers in 14 hebben het afbreken wat versneld.











Op dit plan kun je ook nog uitzoeken wat er met "De Zeven Hoeken" bedoeld werd.


Het bekende geveltje, dat links van het huis 'De Ploegh" aantreft stond vroeger een twintigtal meter meer naar achter en maakte deel uit van het verdwenen "Pekke Leverstraat". Het was onmiddellijk zichtbaar als je het "Leverstraatje" betrad. Thans dient de ruimte achter de verplaatste gevel als autostaanplaats, maar de oude straat is nog steeds zichtbaar.










Het bekende huis "In de Ploegh", nr. 5.  Wij hoorden in onze jeugd, de jaren 40 en 50 vertellen dat dit het geboortehuis was van Alphonse Smets, die burgemeester van Leuven  (1947-1952 en 1959-1796).

In 1835 werd er een drogisterij opgericht en later werd het apotheek "Feyens". Deze apotheek werd in 1907 overgenoen door ene G. Smets, wiens zoon er geboren werd in 1908, Alphonse.  En er is nog steeds een apotheek in gevestigd...tot 2018 in elk geval.




                                                   2017  Noodoplossing (zoals in 1914)







Het huis ernaast, met de hoek heette "Het vliegend Peert" en ik heb er allerlei winkeltjes geweten. Wat mij best bijbleef was "Taxi Breckpot" die er in de jaren 70 gevestigd was.  Daarna werd het een schoenhandel. Het huis dateert van het einde van de 18e eeuw.







Mechelsestraat 9 : "Het Boeckxen".  Ging het over een klein bok of een boekje ? Waarschijnlijk het eerste want wij zaten in de Slachthuiswijk.



















In 1948 kwam er het café "Victoria" van de Brasserie de La Dijle en in de jaren 60 had behanger Fons Vanhoren er zijn winkel. Fons  heeft in de oorlogsjaren en een gedeelte erna gewerkt bij behanger Vounckx-Schievers in de Mechelsestraat nr 102, ouders en grootouders schrijver dezes, maar net voor hij naar de Schipstraat verhuisde had hij zijn winkel in de Mechelsestraat nr 63, naast het Blokske. Hij overleed in 2016, 93 jaar oud.
Ik heb hem nog opgezocht in de Ierse-Predikherenstraat, maar  hij wist niet veel meer te vertellen of had er geen zin meer in. Jammer.











Zo heeft het er heel wat jaren bijgestaan. Afbreken gaat vlot in Leuven, heropbouwen blijkbaar niet.

















Deze gevel werd een paar jaar geleden afgebroken en is eindelijk, na een vijftal jaren heropgebouwd. Thans is er een brillenwinkel, Vanden Balck gevestigd, familie van de bekende brillenzaak Vanden Balck uit de Bondgenotenlaan.



Nr 11 : Huis 'De Witte Sluyer".  In 1933 vonden we Charles Suy als eigenaar terug.  Er was de bekende zaak van scharen en messen gevestigd tot een dertigtal jaren geleden, toen  hij naar de Tiensestraat verhuisde, naast de Universum. Maar reeds in 1900 vind ik op nr 31 een Suy terug. De nummers zijn wel veranderd na de afbraak van de veemarkt en aanpalende huizen . In 1933 was Charles Suy de eigenaar en in de jaren 50 vinden we er  de gezusters  Elisabeth en Marie Suy terug, die de zaak uitbaatten en er gedomicilieerd waren  (Telling 1947) De laatste Suy overleed in 2016. De winkel staat nog steeds leeg.








In de Mechelsestraat is nu ..... gevestigd. Op de ruit van de deur is nog steeds herinnering van de vorige uitbater merkbaar : Gillette. Goeie lijm hadden ze in die tijd.








Nr 13 : De Calcoenschen Haen" In de 18e eeuw was het huis eigendom van de schoonouders van Mathias van den Gheyn, de organist, componist.
Dit was het huis Tallon, sinds 1938 uitgebaat door Mej. A. Valvekens.
In 72 werden er verbouwingen gedaan door de familie Herinckx, handelaars.





Nr. 15 : "Den Gulden Voet". In oude tijden een beenhouwerswinkel en in 1958 werden er verbouwingen gedaan.



Eugène Maison had zijn groentewinkel alhier. Fernande de dochter getuigt : Wij woonde in nr 15 van 1955 ik tot 1965 dan ben ik getrouwd met Fernand Rondou en hebben wij de beenhouwerij van Georges PIERRE overgenomen in de Pensstraat nu mijne zoon zijn beenhouwerij .

Supermarkt wijn.








Nr. 17 :






Was een tijdje café "De Ark"

 In de jaren 60 was dit een dancing, en toen deze verhuisde naar de Koning-Albertlaan werd het een Lunapark, om nog later weer café te worden.






Christiane Orbaen Myn broer Rocky heeft inderdaad de "Crazy cat" overgenomen. Ik denk dat h.nr 15 was. Zal nakyken. Naast de.groente-en fruitwinkel. Prettig week-end iedereen.





Rocky












Jenny Pottiez helemaal links.  In het midden André Celis , helemaal rechts Micheline Stroobants die bij Gazelle werkte, dochter van de Memling  en de andere jongens zijn studenten van de vlavla ! Jaren 60.  (J.P.)








In de jaren 60 : De Crazy Cat, Rocky.... e.a. die daarna naar de Dierik Boutslaan (toen Koning-Albertlaan) getrokken zijn, de latere Belgisch Congo.































Nr 21 : hoedenwinkel

Nr 23 : Penserijwinkel van Madame Van Brusselen


.nr. 23 was madam Van Brusselen de penserijwinkel en dan 25 was Johny de coiffeur die inderdaad van de overkant kwam ....de kapperszaak van Johny had een kamer boven het huis daarnaast ervoor of erna dst weet ik niet meer ....




Nr. 25 Johny , de kapper. Die kwam van aan de overkant. In 1960 zat Jean Decembry (Johnnie) nog aan de overkant in 34


De vishandel van de familie Van Weddingen in nr 29.





Nr 31 ; hier is jarenlang een parapluwinkel geweest, zelfs van voor de oorlog al.


Passe- Partout 69













Nr 31 : Parapluwinkel











Nr 33











 

Dat Fred met de Harp zou begonnen zijn, is een goed bewaarde fabel,. Het initiatief daartoe is uitgegaan van SVB (Studentenvakbond) met Ludo Martens en Paul Goossens. Fred was er een soort gerant. De realiteit haalde het SVB in. De Harp werd geen politiek gericht centrum maar werd zienderogen ingenomen door de niet georganiseerde Leuvense jeugd die het café als hun vaste honk begonnen te beschouwen. Nadat SVB uit elkaar is gespat in verscheidene politieke groepuscules zoals Amada, RAL, MLB e.t.q. die zich van de Harp niets meer aantrokken, heeft Fred heel de zaak als die van hem beschouwd. Het is hem als het ware in de schoot geworpen maar niet helemaal zijn verdienste.       Vroeger de gouden sleutel net naast sigarenwinkeltje.  (Guy Missotten)



nr 43 : Vishandel Van Steenbeeck,   The Pipe


nqr 45  Muziekwinkel Versluys  Later Vandenbroeck










                                           Herman Vandenbroeck en vader Kestens van de meubelwinkel in de Brusselsestraat  (thans begrafenisonderneming).











Uit een telefoongids van 1930





De nummers zijn wel gewijzigd. "De Ploeg" of de pharmacie van Smets werd later nr 5.
Ernaast, in nr 7 , waar later ook een tijdje Taxi Breckpot gevestigd was, was een tabakswinkel "Moeneclaye" en in nr 9, waar café "Het Schipke" zou komen was , was er toen ook een café uitgebaat door J. Vanderborght.    In nr 11 (toen 31)  was toen reeds sinds lange tijd de messenwinkel van Suy en daarnaast, in nr 13 (toen 33) was er de winkel van de zusters Vertessen, merceries. Huis Tallon in 1939 uitgebaat door mej. A. Valvekens. nr35 (15) later groentewinkel van Maison en nr 17 (toen 37) was een doodkistenwinkel van Ph. Van Dooren; , café " 't Schipken in 57in de sixties Crazy Cat, Rocky's... nr 19, een fotograaf in de jaren 50 en 60 , tevoren Van Laer E. denrées col.

maandag 1 januari 2018

De grote overstroming te Knokke in 1953. Een ooggetuigenverslag.


Een getuigenverslag over de watersnood te Knokke in 1953.








Maandag, 28 juli 2003 - Roger Baert, Pannestraat 179














Dit is mijn verhaal.  Mijn naam is Roger Baert. Ik was in 1953 negentien jaar en woonde op de Zeedijk 278. Onze villa was twee huizen verwijderd van "Hotel des Bains". De villa onmiddellijk naast "Hotel des Bains" was eigendom van de eigenaars van "Hotel des Bains". De vensters van de woning naast onze villa waren sinds de tweede wereldoorlog nog altijd dichtgemetseld. Mijn ouders verhuurden fietsen en belletaxen. Wij kweekten ook wat kippen en konijnen in de grote hof, die liep tot aan de O.L.-Vrouwstraat.


Ik kwam op 1 februari 1953 iets na middernacht naar huis, van de fanfare Sint-Cecilia. Die nacht zal ik nooit vergeten :  door de rukwinden moest ik mij vastklampen waar ik maar kon om op de Zeedijk te geraken. De wind loeide ! Toen ik toch thuis geraakt was, legde ik mijn kleren en trompet op de zetel. Na zo 'n twee à drie uur hoorde ik een gebons op mijn slaapkamerdeur.  Ik hoorde het angstige geroep : "Roger, Roger...staat op... de wereld is aan het vergaan". Ik liep ogenblikkelijk de trap af en stond tot mijn heupen ik het water. Ik was op slag nuchter.
Toen riep mijn moeder : "Mijn geld... mijn geld ligt in de kast ! Haal het er vlug uit ". Er stonden daar twee kasten en ik wist niet in welke kast het geld lag. "Ik zal je op mijn rug dragen, zodat je het kunt zoeken", riep ik terug. Zo gezegd zo gedaan , en zo heeft mijn moeder haar geld nog uit de kast kunnen nemen.
Toen ik weer in de living kwam, dreven de kasten al in  het water. Mijn vader was in Sint-Kruis in Brugge. Hij was niet thuis geraakt met de fiets door de hevige stormwind. Mijn grootmoeder,  mijn twee zusjes Rosette (3 jaar) en Ginette (5 jaar) waren er wel. Ondertussen was de voordeur ook al afgerukt. Mijn moeder sloeg in paniek.
"Onsteek de elektriciteit, zodat ze kunnen zien dat hier iemand woont" zei ze. Toen ik dat wou doen kreeg ik zo'n ferme patat dat ik meters achterover vloog. Later heb  ik door de opgedane schrik een hele pak haar verloren.
Toen wou ik hulp gaan halen. Op het Heldenplein ben ik nog gevallen. Ik was drijfnat. Ik liep tot op het Canadezenplein (nu : De Bolle) en zag licht branden in café "Metro" bij Frans Cardon. Ik snotterde mijn verhaal, kreeg onmiddellijk andere kleren... Als ik nu (in 2003) nog een van de vier dochters tegenkom, spreken wij daar nog over.









Het water kwam vroeger tot tegen de dijk. Uren nadat het eb was kwam het water en het zand nog uit de spleten tussen de stenen van de zeedijk : de ruimte acher de stenen was volledig  hol geworden door deze "ontzanding". Door de stroom is die wandeldijk dan ook ooit ingestort. Gelukkig hebben de grote riolen onder de wandeldijk stand gehouden. Wij moesten onmiddellijk ons huis verlaten omdat de fundamenten bloot stonden. We hebben 14 dagen gelogeerd bij Margaretha Covaert, onze naaister in de Graaf d'Ursellaan.

Al onze konijnen waren verdronken in het zeewater. De kippen hadden  het overleefd : ze liepen op de tussenmuur. We hebben tientallen kruiwagens zand, stenen, arduin, puin..weggehaald uit ons huis. Onze fietsen begonnen al te roesten ! We kregen tweedehandskledij van het Rode Kruis waar we heel blij mee waren. Spijtig dat ik het moet zeggen, maar er waren mensen, die geen watersnood hadden gehad, die alles nieuw kregen. Maar tenslotte hebben wij het allemaal overleefd.
Ik heb toen twee maanden meegewerkt met de firma Cobeton België om de zeedijk te herstellen. Op 1 april moest ik mijn legerdienst vervullen.






Aantekening bij de tekst :Mijnheer, als u akkoord bent, leg ik de tekst ook in de klas.


dinsdag 24 oktober 2017

Honderdjarige in Leuven. Adèle VandenBosch (Rummens) in 1937

Een honderdjarige te Leuven in 1937


Grote festiviteiten te Leuven. Wij hadden een  honderdjarige, en die werd toen beschouwd als de oudste vrouw van België.
Zij heette Adèle VandenBosch, geboren te Leuven op 7 september 1837,dochter van Guillaume VandenBosch, wonende te Leuven en "cabaretier" wat betekent café-uitbater. Haar moeder was Anna Van Erps, wonende te Leuven en "sans profession".
Bij haar huwelijk werd ze vermeld als "menagère" en zij treedt in de echt op 19 juni 1862 met gevelschilder (ouvrier peintre en batiments) Pierre Rummens, geboren op 13 juni 1835 te Leuven., vandaar dat ze geboekstaafd blijft als Adèle Rummens.
Haar honderdste verjaardag ging niet ongemerkt voorbij. Zij werd ontvangen door de burgemeester en er werd een stoet voor haar ingericht. En er werd vooral over gesproken.
Hieronder een jaar eerder. 





Uit "De Volkswil" 1937




De mensen werden verzocht hun huizen te versieren en te bevlaggen, wat ook gebeurd, en waarvan ik nog sporen terugvond in een oud fotoboek. 












Er werd zelfs een echte stoet ingericht met de voornaamste gebeurtenissen uit het leven van de honderdjarige. Ze komen uit het familiealbum van Jan Uyttebroecks grootvader, Jean Jacques uit Tienen (+ 1949) en werden door hem genomen in de Bondgenotenlaan. 
























Foto's Craenendonck  familiealbum Dejean














Haar foto werd jaren erna nog ge (mis)bruikt bij een roman van Paul Koeck. 




Meer foto's over deze gebeurtenis zijn altijd welkom. Ze worden er bijgeplaatst. Zenden naar Chispa@telenet.be

Dit artikel uit het boek "Leuven Weleer" deel 4 van Rik Uytterhoeven (Standaard Boekhandel 1988)
had ik over het hoofd gezien. Een interessante aanvulling.